Bron boek: Hekserij zonder geheimen van Raymond Buckland

Meer dan vijfentwintigduizend jaar geleden was de mens afhankelijk van de jacht om te overleven. De meeste dieren waar men op jaagde, waren gehoornd. Zo werd de God van de jacht ook afgebeeld als een gehoornd wezen.

Een magisch religieus ritueel werd geboren toen een holbewoners een huid om om zijn schouders gooide en een masker met een gewei opzette en zo de rol van de God van de jacht speelde. Hiervan bestaan nog grotschilderingen. Het was in die tijd dat de magie vermengd raakte met de eerste nog wat onzekeren stappen van een (natuur) oude religie. Met de ontwikkeling van de mens ontwikkelde de religie zich ook op een natuurlijke wijze, in Europa. Zo kreeg ook de God van de jacht een andere naam per land, in het zuiden van Engeland is zijn nam Cermunnos, betekend letterlijk de Gehoorne. In het Noorden Cerne, een verkorte vorm. Weet in een ander gebied Herne. Pan is ook een benaming vanuit het Grieks, de Gehoornde God van het woud. Een god wat afgebeeld is met een gehoornd hoofd en omgeven door bladeren, duid aan als de groene man, green man.

Met de komst van het christendom en die in kracht toenam, werden deze Goden van de oude religie in de nieuwe religie de duivels van het nieuwe geloof genoemd. En zo werden en nu nog, heidenen duivelaanbieders genoemd! Wat eens zo vredevol en goed was werd door het nieuwe geloof als kwaad afgeschilderd! En zo kwam de duivel in het leven van de mens wat angst bracht onder de mensheid!